Wie vóór of bij het sluiten van een consumentenovereenkomst niet alle verplichte informatie verstrekt, kan een deel van de factuur verliezen. Een uitspraak van de rechtbank Amsterdam laat zien dat de rechter dit ook zonder verweer van de consument kan toetsen.
Wat besliste de rechtbank?
De rechtbank Amsterdam wees op 8 september 2026 een betalingsvordering af nadat zij de nakoming van de wettelijke informatieplichten ambtshalve had onderzocht. De overeenkomst was bij de consument thuis gesloten en viel daardoor onder de regels voor overeenkomsten buiten de verkoopruimte. De ondernemer had volgens de rechter onvoldoende duidelijk gemaakt waar hij was gevestigd en hoe de consument hem kon bereiken. Ook was niet goed geïnformeerd over het herroepingsrecht.
De totale factuur bedroeg € 9.553,65. Daarvan stond nog € 1.053,65 open. De rechter paste een vermindering van 20% op de volledige hoofdsom toe, oftewel € 1.910,73. Omdat dit bedrag hoger was dan het openstaande saldo, werd de resterende betalingsvordering afgewezen. Dat de consument niet in de procedure was verschenen, maakte dit niet anders: de rechter moet bepaalde Europese consumentenregels uit zichzelf toepassen.
Waarom is dit breder relevant?
De informatieplichten spelen niet alleen bij verkoop aan de deur. Ook ondernemers die online, telefonisch of op locatie bij een consument contracteren, moeten vooraf onder meer duidelijke informatie geven over hun identiteit, contactgegevens, de prijs, betaling, uitvoering en – waar van toepassing – het herroepingsrecht. Welke informatie precies nodig is, hangt af van het type overeenkomst en de manier waarop die wordt gesloten.
Bij dienstverlening die tijdens de herroepingstermijn begint, is extra aandacht nodig. De ondernemer moet kunnen aantonen dat de consument uitdrukkelijk om vroege uitvoering heeft gevraagd. Bij volledige uitvoering is voor het vervallen van het herroepingsrecht bovendien een voorafgaande erkenning van de consument vereist. Een algemene bepaling in voorwaarden is niet altijd voldoende om aan te tonen dat deze informatie tijdig, begrijpelijk en op de juiste manier is verstrekt.
Het bewijsproces is minstens zo belangrijk als de tekst
In een incasso- of betalingsprocedure moet de ondernemer meestal concreet kunnen laten zien welke klantreis de consument heeft doorlopen. Bewaar daarom de versie van het bestelformulier, de offerte, de algemene voorwaarden en de bevestigingsmail die bij de overeenkomst hoorden. Voor telefonische verkoop kunnen een gespreksprotocol en de schriftelijke bevestiging belangrijk zijn. Bij overeenkomsten op locatie zijn een getekend formulier, een ontvangstbevestiging en een afzonderlijke keuze over de start binnen de bedenktijd praktisch bewijs.
Het landelijke sanctiemodel van de rechtspraak noemt bij één tot drie voldoende ernstige schendingen van essentiële informatieplichten een vermindering van 20% als uitgangspunt, mits ook aan de regels voor de bestelknop is voldaan. Het model is een richtlijn en geen automatische rekensom. De concrete sanctie blijft afhankelijk van de geschonden plichten, de omstandigheden en het oordeel van de rechter.
Actiepunten
- Breng per verkoopkanaal in kaart welke precontractuele informatie aan consumenten moet worden verstrekt.
- Controleer formulieren en bevestigingen op identiteit, adres, contactgegevens, totale prijs, uitvoering en herroepingsinformatie.
- Leg een afzonderlijk en aantoonbaar verzoek vast wanneer dienstverlening binnen de herroepingstermijn begint.
- Bewaar per transactie de toen geldende versies van schermen, offertes, voorwaarden en bevestigingen.
- Voer vóór incasso een informatiedossiercheck uit, zodat een mogelijke vermindering vroeg wordt herkend.
De besproken uitspraak is een beslissing van de rechtbank Amsterdam in eerste aanleg. De vermindering van 20% sluit aan bij een landelijk, niet-bindend sanctiemodel van de rechtspraak. De uitkomst kan in andere zaken verschillen door het soort overeenkomst, de ontbrekende informatie en het beschikbare bewijs.
Bronnen
- Rechtspraak – streep door openstaande nota wegens schenden informatieplicht
- Rechtbank Amsterdam 8 september 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:9031
- Rechtspraak – Richtlijn Sanctiemodel essentiële informatieplichten
Dit artikel is algemeen van aard. Wilt u weten wat deze ontwikkeling voor uw eigen situatie betekent, lees dan verder over contracten en voorwaarden of leg uw vraag voor via de gratis intake.